​​
Actueel

Aangescherpte focus Creative Holland

Creative Holland zet zich in samenwerking met publieke en private partijen in om de Nederlandse creatieve industrie internationaal op de kaart te zetten. Samen met ambassades, consulaten, RVO, kennisinstellingen, fondsen, brancheverenigingen en (lokale) ondernemers streeft Creative Holland naar vergroting van het aantal buitenlandse opdrachten voor Nederlandse creatieve bedrijven. Dat vergt, om daar effectief in te zijn, een focus op een beperkt aantal relevante afzetmarkten waar extra aandacht kan worden gegeven aan het ontdekken van de lokale vraag.

Met de concentratie op de drie focuslanden kan Creative Holland al haar beschikbare capaciteit doeltreffender inzetten ter versterking van de internationale positie van de Nederlandse creatieve industrie.

Maatschappelijke vraagstukken

De Topsector creatieve industrie wijst jaarlijks, in overleg met de brancheorganisaties en kennisinstituten en in afstemming met het Internationaal Cultuurbeleid, de relevante afzetmarkten aan waar prioriteit aan moet worden gegeven. Besloten is nu om die focus in 2020-2021 te beperken tot de Verenigde Staten, China en Duitsland. In deze landen heeft Creative Holland een infrastructuur van publiek-private samenwerking (PPS) opgezet, waarmee de lokale vraag waar Nederlandse creatieve bedrijven op in zouden kunnen spelen in kaart wordt gebracht en gestimuleerd.

In zogenoemde Creative Embassies en Creative Labs werken business developers Marjan Blumberg (Verendigde Staten), Monique Knapen (China), Michiel Roosjen (China) en Mareile Zuber (Duitsland) van Creative Holland samen met onder meer het lokale postennetwerk aan de ontwikkeling van die lokale vraag. Daarbij wordt vooral gekeken naar regionale uitwerkingen van mondiale maatschappelijke vraagstukken waar Nederlandse creatieve bedrijven op in kunnen spelen. Zo worden maatschappelijke uitdagingen als klimaatverandering, uitputting van grondstoffen, energietransitie, urbanisatie, vergrijzing, enzovoort, omgezet in duurzame marktkansen voor innovatieve oplossingen die de Nederlandse creatieve industrie kan bieden.

In zogenoemde Creative Embassies en Creative Labs werken business developers Marjan Blumberg (Verendigde Staten), Monique Knapen (China), Michiel Roosjen (China) en Mareile Zuber (Duitsland) van Creative Holland samen met onder meer het lokale postennetwerk aan de ontwikkeling van die lokale vraag. Daarbij wordt vooral gekeken naar regionale uitwerkingen van mondiale maatschappelijke vraagstukken waar Nederlandse creatieve bedrijven op in kunnen spelen. Zo worden maatschappelijke uitdagingen als klimaatverandering, uitputting van grondstoffen, energietransitie, urbanisatie, vergrijzing, enzovoort, omgezet in duurzame marktkansen voor innovatieve oplossingen die de Nederlandse creatieve industrie kan bieden.

Katalysator

Deze aanpak maakt een gezamenlijke inzet van bestaande internationaliseringsinitiatieven mogelijk, ook vanuit andere (top)sectoren. Afstemming van de diverse, beperkte internationaliseringsmiddelen is daarbij van groot belang. Creative Holland wil daarin, samen met haar netwerkpartners, een katalysator zijn. De aangesloten organisaties die allemaal bijdragen aan de internationalisering van de Nederlandse creatieve industrie zijn: Ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschap, Ministerie van Buitenlandse Zaken, Ministerie van Economische Zaken, Topsector creatieve industrie, RVO, Federatie Creatieve Industrie, DutchCulture, Stimuleringsfonds Creatieve Industrie en Het Nieuwe Instituut.

Activiteiten Creative Holland 2021

- Focus op drie landen (Duitsland, China, Verenigde Staten) en een beperkt aantal internationale sleutelevenementen (beurzen, missies, etc).

- Actieve aanpak op Creative Lab concept in de drie focuslanden. Coördinatie: Simone van Bennekom.

- Op innovatieve wijze tot handelsbevordering komen, door het (door)ontwikkelen van (bestaande) formats als Creative Embassies, Joint Fieldlabs, Road Shows, zowel online als offline.

- De nationale creatieve platformen met een internationale positie (DDW / ADE/ IDFA / Cinekid etc.) een grotere rol toebedelen bij de handelsbevordering van de creatieve industrie. Coördinatie: Femke Blok.

- Tot slot, blijft Creative Holland als de verbindende factor tussen overheid en creatieve industrie de sector via de portal creativeholland.com en social mediakanalen zo snel en goed mogelijk informeren over alles wat vanuit publieke partijen wordt aangeboden ter bevordering van exportkansen.

Genomineerden Dutch Design Awards 2020

Onder leiding van de commissievoorzitters – Angelique Spaninks (Design Research), Bert Hagendoorn (Service & Systems), JaapJan Berg (Habitat), Joost Alferink (Product), Liesbeth in ’t Hout (Fashion), Pieter Aarts (Best Commissioning), Sonja Haller (Communication) en Saskia van Stein (Young Designer) – maakten 34 designexperts uit het vak voor de drie nominaties per categorie een keuze uit alle ingezonden en gescoute projecten.


Product

The Interceptor | The Ocean Cleanup X Fabrique

Auping Evolve | Koninklijke Auping

The Object Is Absent | Curatoren Alexandre Humbert, Lucas Maassen, Tom Loois, Angelique Spaninks


Habitat

Forum Groningen | Nl Architects X Demunnik-Dejong-Steinhauser

Architectencollectief E.A. Paper Gardens | Studio Ossidiana

De Molenwiek | Korthtielens


Communication

Enter Enter – A Space For Books | Enter Enter

Radical Cut Up | Bart De Baets

Demo – Design In Motion Festival | Studio Dumbar


Fashion

Collection 005 Complete Metamorphosis Pt.2 | Ninamounah

Litter | Schueller De Waal / Sdw Studio

A Research Into The Values And Meanings Of Fur | Passama/Langendijk


Design Research

Insectology: Food For Buzz | Matilde Boelhouwer

Redesigning Psychiatry | Reframing Studio

Retreat | Xandra Van Der Eijk


Service & Systems

Monnie | Afdeling Buitengewone Zaken X Garage2020

Repeat After Me | Moniker

Pollutive Ends | Thijs Biersteker


Best Commissioning

Forum Groningen | Gemeente Groningen X Nl Architects E.A.

Triodos Bank – De Reehorst | Triodos Bank X Rau Architecten X Arcadis X Ex Interiors

Water As Leverage | Rijksoverheid


Young Designer

Katinka Versendaal

Iris Van Wees

Simon Dogger

Meer achtergrond bij de commissiekeuzes is hier te vinden.

Nieuw boek van Frits Grotenhuis

In Perspectives on Cultural and Creative Industries biedt Grotenhuis een overzicht van verschillende perspectieven op culturele en creatieve industrieën. Er wordt een caleidoscoop van inzichten gepresenteerd, variërend van internationale good practices in beleidsvorming, tot regionale profilerig met de fashion-industrie; hoe je nieuwe technologieën kunt inzetten voor gedragsverandering, en; waar ontwerpkracht de gezondheidszorg kan versterken.

De relevantie van outreach en disseminatie van best practices wordt geïllustreerd met voorbeelden van internationale festivals. Daarnaast worden verschillende alternatieve standpunten gepresenteerd, zoals de relatie tussen creatieve industrie en onderwijs, gedrag en effectief altruïsme.

Het boek wordt afgesloten met toekomstperspectieven op culturele en creatieve industrieën. Bij het verschijnen van het coronavirus is dit nog relevanter. Culturele en creatieve industrieën kunnen een belangrijke rol spelen in de transitie naar een circulaire economie, de nieuwe mainstream na de coronacrisis. Ondanks de onzekerheden en veranderingen, blijft één ding zeker: onze economie en samenleving hebben behoefte aan culturele en creatieve industrieën!

Het boek is onder andere als free download beschikbaar.

Opiniestuk Caroline Gehrels: creatieve topsector verdient niet alleen steun, maar vooral maatwerk

​Het volledige FD-artikel is hier te lezen.

Human Capital in coronatijd

Human Capital Topsectoren zet zich in om u bij deze vragen op het snijvlak van innovatie en menselijk kapitaal te ondersteunen. De komende tijd worden op deze website inspirerende voorbeelden, praktische informatie, webinars en blogs gedeeld over onderstaande drie thema’s:

1) Innovatie voor herstel

Innovatie is de motor achter economische groei, verduurzaming en vooruitgang. Innovatie zal ook de motor zijn achter het herstel uit de huidige crisis. Welke voorbeelden zien we hier al van? En hoe kan u nu in publiek private samenwerking uw innovatiekracht (blijven) inzetten?

2) Sociale binding

We werken maximaal digitaal. Dit vraagt heel andere manieren van verbinding maken en houden tussen werknemers en met externe partners. Human Capital Topsectoren en TNO zetten in op sociale binding om bedrijven te helpen tot een nieuwe wijze van samenwerken en zakendoen te komen. We willen meer dan alleen e-mails met elkaar uitwisselen of videocalls houden. Sociale binding is nodig om ook in deze tijd tot interactie en nieuwe initiatieven te komen.

3) Transitiemogelijkheden arbeidsmarkt

De crisis zet de werkgelegenheid in bepaalde sectoren onder druk, terwijl in andere sectoren nog steeds meer mensen nodig zijn. Wat zijn de mogelijke overstappen tussen deze sectoren waardoor mensen hun kwaliteiten in kunnen blijven zetten?

Vragen of meer informatie? Neem contact op met Human Capital Topsectoren via hca-topsectoren@ptvt.nl.

Ook vanuit onze eigen creatieve industrie verzamelen we inspirerende voorbeelden op https://resilient.creativeholland.com

COLUMN: There is hope for the major societal challenges!

‘Plans for Corona app a shambles’ ran the headline in the Algemeen Dagblad, a Dutch newspaper, after the now infamous ‘Appathon’ event organized in mid-April by the Ministry of Health, Welfare and Sport to test and improve apps designed combat the spread of corona. In other media, too, there was nothing but harsh criticism of this experimental attempt to come up with a lockdown exit strategy. The unanimous verdict was that it was a total failure. But why exactly? Viewed from the perspective of innovation, the way in which the government tackled this complex issue was a sign of a real change, a sign of hope for all major challenges faced by society today.

Many of these challenges, among them the energy transition and digitalization of government services, are taking place at a system level, involving multiple stakeholders and conflicting interests, and according to public-private business models that have yet to crystallize. In other words, they constitute Gordian knots whose unravelling still requires painful choices to be made. Coming up with innovative solutions to ‘wicked problems’ of this kind calls for an open, exploratory approach that allows for experiments, questions and mistakes. It is a vulnerable process, yet of considerable public interest. Every change therefore calls for a form of urgency, leadership and ownership, whether it concerns incremental improvements or radical solutions. One individual or body should always take the reins to ensure that the interests of all parties are aligned and to keep an eye on the big picture. After all, a film without a director is doomed to fail. If nobody takes control, as was the case with the recent Dutch nitrogen crisis — when a court ruling forced the Dutch government to curb construction work and farming operations in an attempt to limit nitrogen emissions —, you end up with a result that nobody wants, one that often has major financial and unpleasant social consequences.

But history has shown that it is possible for governments around the world to play a leading role in transitions by making mature and measured choices. Many IT projects in America, just like in the Netherlands, have failed miserably, wasting hundreds of millions of dollars. In 2015 Obama had had enough, so he set up the United States Digital Service Institute and decided to take matters into his own hands instead of outsourcing the work. He appointed Megan Smith (previously of Apple and Google) as Chief Technology Officer and succeeded in bringing people from MIT and Facebook to the White House to contribute their design expertise. For that moment on, ‘wicked problems’ such as the difficulty in correctly processing immigration forms, were tackled with creativity and knowledge by a network of experts.

Here at home in the Netherlands, we also know that creativity, vision and politics do not necessarily have to conflict with one another. Indeed, they can sometimes be united in one individual: Cornelis Lely was both an engineer and a designer, and as a politician he succeeded in realizing his plan to build the enormous Afsluitdijk dam in the 1920s, a dam that made it possible to create large parts of new land.

Prime Minister Rutte’s speech on 16 March, in which he explained the far-reaching measures taken to combat corona, is already viewed as historic. He revealed himself to be an empathetic, open and honest leader – not only basing his case on science but also admitting that there was plenty of uncertainty among government officials and policy-makers. ‘We really have to do this together’ and ‘The Netherlands is fundamentally a deeply socialist country’ – statements he made in parliament – have already become famous.

Up until that point, policy was largely aimed at minimizing government interference and leaving things to ‘the market’, and they certainly did not involve embracing long-term visions. ‘A vision is like an elephant that blocks your view. If vision means a blueprint for the future, then everything that is liberal in me opposes it,’ Rutte had commented in September 2013 in the Volkskrant newspaper.

The belief that societal change should only come about in a bottom-up manner, without any supervisory role played by the government, had been firmly rooted in Dutch policy and stems from an almost unshakeable neo-liberal view of humanity: that of Homo economicus. Homo economicus acts in his own interests, and where there is demand he creates supply. The role of the government is to ensure that no fraud takes place, that supply and demand come together, and that nothing or nobody disrupts the market. There is but one goal: economic prosperity.

That succeeds when it comes to consumption, the individual and the short term. But it fails when it concerns the long-term interests of the collective. And that is the case with the corona crisis. For humankind simply does not act rationally. We are notoriously bad at making choices that are good for us in the long term. Those choices must therefore be made in a considered manner, mindful of all the various stakeholders and interests.

Blessings

The fact that it was impossible for the cabinet to walk away in mid-March from the Gordian knot presented by corona might therefore be a blessing for future societal challenges. For the government and the cabinet have taken on the role of quartermaster in charge of corona interventions and are undergoing an extremely steep learning curve in public. They were forced to display leadership and ownership in an uncertain process and to make painful choices. Moreover, they listened to ordinary citizens, to experts, and to the market.

There is still a long way to go, but the learning moments and the change in underlying attitude offer hope. Even after the corona crisis, we in the Netherlands will face a number of major societal challenges — the energy transition, sustainability in agriculture, our health care system, the modernization of education and public services, to name just a few. How can we as a society facilitate these transitions as smoothly as possible? And what would be the ideal role of the government in that process?

Politicians would be very wise to step forward and take on the role of quartermaster more emphatically, and by that to take responsibility for formulating long-term visions. This is only possible by embracing an integral approach that stresses both the societal and economic importance.

The government, as an incubator for major collective challenges, should only loosen the reins once the transition process has been established and agreed upon, which is precisely what it is now doing in tackling the corona crisis. This means providing a basis for exploring, testing, failing and learning. It also means involving the market and experts, and it gives a key new role to the creative industries and scientific community. The role of the creative industries is to pose questions and devise solutions that transcend the individual interests of stakeholders, while it is the task of the scientific community to establish a knowledge base that acts as a breeding ground.

Shaping the desired change calls for the right insights and long-term policies, ensuring that knowledge and experience increase to such a level that the transition can ultimately be supervised and implemented. So now we can dare to once more state how vitally important it is for the government and society to formulate a vision for tackling the major themes of our time.

Jeroen van Erp

Chairman of the Dutch Creative Council, professor at the Faculty of Industrial Design at Delft University of Technology and co-founder of strategic design agency Fabrique

@jeroenvanerp, @idetudelft

Anna Noyons

Social designer, founder of (ink)., design studio focused on social impact

@annanoyons, @ink_stagram_

Nieuwe ronde steunmaatregelen per juni 2020

De al eerdere ingevoerde NOW- en TOZO-regelingen zijn verlengd tot oktober. Ook een aantal belastingmaatregelen zijn verlengd, evenals krediet- en garantieregelingen.

Nieuw is de TVL: Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB die voor een deel van onze sector bedoeld is. MKB-ondernemers in onder meer de horeca, recreatie, evenementen, kermissen, podia en theaters krijgen - bovenop de tegemoetkoming loonkosten (NOW) - een tegemoetkoming van het ministerie van EZK om hun vaste materiële kosten te kunnen betalen. De TOGS kunnen voorlopig nog tot 26 juni aangevraagd worden. Ook de regeling voor flexibele werkkrachten (TOFA) staat sinds kort open.

Hier kun je alle regelingen nog eens rustig doorlopen.

COLUMN: er is hoop voor de grote maatschappelijke uitdagingen!

‘Aanpak Corona-app bedroevend’ kopte het AD na de inmiddels beruchte ‘Appathon’ die half april werd georganiseerd door het Ministerie van VWS. En ook in andere media was de kritiek op deze experimentele poging om tot een exit strategie uit onze lockdown te komen niet mals. Het was unaniem een faliekante mislukking. Maar waarom eigenlijk? Bezien vanuit een innovatieperspectief zagen wij juist een enorme omslag in de manier waarop de overheid dit complexe vraagstuk aanpakt. Deze omslag biedt hoop voor alle grote uitdagingen waar wij als maatschappij de komende tijd voor komen te staan.

Veel van deze uitdagingen, zoals de energietransitie of de digitalisering van de overheid, spelen zich af op systeemniveau, met meerdere stakeholders, tegengestelde belangen en nog niet uitgekristalliseerde businessmodellen binnen een publiek-private omgeving. Oftewel; gordiaanse knopen waarbij vaak pijnlijke keuzes moeten worden gemaakt om deze te ontwarren. Om tot vernieuwende oplossingen te komen voor dit soort ‘wicked problems’ is per definitie een open, exploratieve benadering nodig, waarbinnen geëxperimenteerd, bevraagd en gefaald mag worden. Dat is een kwetsbaar proces met grote maatschappelijke belangen. Elke verandering heeft daarom ook een vorm van urgentie, leiderschap en eigenaarschap nodig, of dat nu incrementele verbeteringen betreft of radicale oplossingen; er zal altijd iemand of een entiteit op de een of andere manier de scepter moeten zwaaien om de belangen van partijen op elkaar af te stemmen en het grote plaatje in de gaten te houden. Een film zonder regisseur is immers gedoemd te mislukken. Doe je dat niet en stel je die keuzes uit, zoals in de stikstof-kwestie, dan leidt dat uiteindelijk tot een uitkomst waar niemand op zit te wachten, vaak niet zonder grote financiële en vervelende maatschappelijke consequenties.

Dat het wel mogelijk is om als overheid een leidende rol in transities te spelen en weloverwogen keuzes te maken, is al op vele plekken in de wereld en geschiedenis bewezen. Net als in Nederland zijn in Amerika veel IT-projecten jammerlijk mislukt, waarmee honderden miljoenen verspild werden. In 2015 was Obama het zat, hij richtte het United States Digital Service Institute op en ging het zelf organiseren, in plaats van het werk te outsourcen. Hij stelde Megan Smith (voorheen van o.a. Apple en Google) aan als Chief Technology Officer en wist mensen van het MIT en Facebook naar het Witte Huis te halen om tijdelijk mee te denken en ontwerpen. Vanaf dia moment werden ‘wicked problems’ aangepakt, zoals het in goede banen leiden van de immigratie formulieren met creativiteit, kennis en een netwerk aan experts.

Ook op eigen bodem weten we dat creativiteit, visie en de politiek elkaar niet per definitie in de weg hoeven staan. En soms zelfs in één persoon vertegenwoordigd kunnen zijn: Cornelis Lely was ingenieur en ontwerper, en wist zijn plannen voor de Afsluitdijk als politicus te realiseren.

Rutte’s toespraak op 16 maart waarin hij ons toesprak naar aanleiding van de verregaande maatregelen rondom de coronacrisis is inmiddels historisch te noemen. Het liet een empathische, open en eerlijke leider zien - leunend op de wetenschap maar niet te beroerd om toe te geven dat er ook bij de overheid en beleidsmakers veel onzekerheid is. ‘We moeten dit echt samen doen’ en ‘Nederland is in de kern een diep socialistisch land’ – door hem gezegd in de Tweede Kamer - zijn inmiddels gevleugelde uitspraken.

Tot dan was het beleid er vooral op gericht om overheidsbemoeienis te minimaliseren, zoveel mogelijk ‘aan de markt te laten’ en zeker geen lange termijn visies te omarmen. ‘Visie is als de olifant die het uitzicht belemmert. Als visie een blauwdruk voor de toekomst betekent, dan verzet alles wat liberaal is in mij zich daartegen.’, poneerde Rutte september 2013 nog in de Volkskrant.

Het geloof dat veranderingen in de samenleving uitsluitend bottom-up tot stand moeten komen, zonder sturende rol van de overheid zat diep verankerd in Nederlands beleid en komt voort uit een bijna onwrikbaar neo-liberaal mensbeeld: dat van de homo economicus. De Homo Economicus handelt in eigen belang en waar vraag is creëert zij aanbod. De overheid is er om ervoor te zorgen dat er niet wordt gefraudeerd, dat vraag en aanbod bij elkaar komt, en dat niets of niemand de markt een strobreed in de weg legt. Het doel: economische voorspoed.

Dat gaat op goed waar het consumeren, het individu en de korte termijn centraal staan. Maar mis wanneer het collectief op de lange termijn centraal moet staan. Zoals bij de coronacrisis. De mens is nou eenmaal geen rationeel handelend wezen. We zijn notoir slecht in het maken van keuzes die goed voor ons zijn op de lange termijn. Die keuzes moeten dus weloverwogen gemaakt worden, met inachtneming van alle verschillende stakeholders en belangen.

Zegen

Het feit dat het voor het kabinet half maart dit jaar onmogelijk was weg te lopen van de gordiaanse corona-knoop, zou daarom wel eens een zegen kunnen zijn voor toekomstige maatschappelijke uitdagingen. De overheid en het kabinet hebben zich als kwartiermaker opgesteld ten aanzien van de corona interventies en doorlopen publiekelijk een extreem steile leercurve. Ze werden gedwongen om leiderschap en eigenaarschap te tonen in een onzeker traject en pijnlijke keuzes te maken. Daarbij werd naar burgers geluisterd, experts en de markt.

Er is nog een lange weg te gaan, maar de leermomenten en deze gewijzigde grondhouding bieden enige hoop. We staan in Nederland, ook na de coronacrisis, voor een aantal grote maatschappelijke uitdagingen; de energietransitie, de verduurzaming van de landbouw, ons zorgsysteem, de modernisering van het onderwijs en onze publieke diensten, om er maar een paar te noemen. Hoe organiseren wij als maatschappij deze transities het beste en wat zou de ideale rol van de overheid daarin zijn?

De politiek zou er verstandig aan doen om zich per thema nadrukkelijker als kwartiermaker te manifesteren en daarbij verantwoordelijkheid nemen voor het zetten van duidelijke punten op de horizon. Dit kan alleen maar door een integrale aanpak te omarmen waarbij het maatschappelijk belang voorop staat, en waarbij het economisch belang daar een onderdeel van is.

De overheid als incubator van de grote collectieve uitdagingen zou pas los moeten laten als er zelfdrijvend vermogen is voor de transitie, precies wat ze nu doet in het bestrijden van deze crisis. Dat biedt ook de basis om te exploreren, te testen, te falen en te leren. Hierin is naast de markt en experts nadrukkelijk een belangrijke nieuwe rol weggelegd voor de creatieve industrie en de wetenschap. De creatieve industrie om vragen te stellen en oplossingen te bedenken welke de individuele belangen van het veld aan stakeholders overstijgen, en de wetenschap om een kennisbasis aan te dragen als voedingsbodem.

Het ontwerpen van de gewenste verandering vraagt om de juiste inzichten en een langetermijnbeleid, waardoor ook kennis en ervaring wordt opgebouwd om de transitie uiteindelijk te kunnen begeleiden en implementeren. En we durven het inmiddels weer te zeggen: het is voor de overheid en de samenleving van vitaal belang om een visie te ontwikkelen ten aanzien van de grote thema’s van onze tijd.

Jeroen van Erp
Voorzitter Dutch Creative Council, hoogleraar aan de faculteit Industrieel Ontwerpen van de TU Delft en co-founder van strategic design agency Fabrique
@jeroenvanerp, @idetudelft

Anna Noyons
Social designer, oprichter (ink)., ontwerpstudio gericht op sociale impact
@annanoyons, @ink_stagram_

Kabinet stelt 300 miljoen extra ter beschikking voor culturele en creatieve sector

Instrumentarium

De additionele middelen worden ingezet voor het:

· verhogen van de subsidie aan producerende instellingen in de Basisinfrastructuur 2017-2020 en de instellingen en festivals die meerjarige subsidie ontvangen van de zes rijkscultuurfondsen in de periode 2017-2020;

· verhogen van de leenfaciliteit voor monumenteneigenaren van opengestelde rijksmonumenten via het Nationaal Restauratie Fonds;

· investeren in de vitale regionale infrastructuur via de rijkscultuurfondsen voor een beperkt aantal cruciale regionale musea, podia en filmtheaters;

· verhogen van leenfaciliteiten bij Cultuur + Ondernemen voor instellingen die privaat worden gefinancierd.

Uitgangpunten

Instellingen die inkomsten mislopen als gevolg van de maatregelen van het kabinet om de verspreiding van Covid-19 tegen te gaan, komen in aanmerking voor de aanvullende ondersteuning. Daarbij moeten instellingen eerst een beroep hebben gedaan op de generieke maatregelen voor zover dat mogelijk is. Instellingen moeten daarnaast, voor zover verantwoord, eerst de eigen reserves aanspreken en alleen instellingen met een eigen inkomsten percentage van minimaal 15 % van hun totale omzet in 2018 komen in aanmerking. Voor instellingen die vitale onderdelen van de regionale infrastructuur zijn, geldt als extra voorwaarde dat de gemeente of provincie ook een extra bijdrage doet. Bij het bepalen van de extra ondersteuning wordt rekening gehouden met het aandeel eigen inkomsten van de instelling. Hoge eigen inkomsten betekent namelijk een groter verlies aan inkomsten en daarmee dus een grotere behoefte aan extra ondersteuning.

Uitvoering

Het Ministerie van OCW streeft ernaar binnen enkele wekente kunnen starten met de uitvoering van deze maatregelen. Het overleg met betrokken partijen zoals de zes rijkscultuurfondsen, het Nationaal Restauratie Fonds, Cultuur + Ondernemen, en wethouders en gedeputeerden cultuur is hiervoor reeds opgestart.

Creatieve sector zwaar getroffen door Covid-19

​Op de website van Kunsten ‘92 kunt u de actuele stand van zaken goed volgen. De brief van 17 maart kunt u hier downloaden.

Geef creatief mbo-talent een plek

Creatieve mbo-opleidingen kampen al decennia met een imagoprobleem. Niet onder studenten, wel in de arbeidsmarkt. Het aantal studenten dat zich aanmeldde voor creatieve opleidingen als styliste, audiovisueel specialist of mediavormgever nam in de afgelopen vijftien jaar met vijfenzestig procent toe. De kans op een baan groeide echter niet mee.

Opleiders hebben hun beleid hier flink op aangepast; er wordt scherper gelet op successen van alumni, het leven lang leren wordt aangemoedigd, het curriculum gemoderniseerd. Alles om jonge talenten de beste arbeidspositie te geven. Toch belandt bij menig ontwerpbureau het cv van een mbo-student onderop de stapel sollicitanten. Ingehaald door digital designers, developers, projectmanagers van het hbo of de universiteit. Ten onrechte, stelt de Creative Council, adviesorgaan voor de sector en het topteam Creatieve Industrie.

Dit opiniestuk is gebaseerd op de bijeenkomst van de Dutch Creative Council van 10 december 2019 bij het Mediacollege Amsterdam over de plek van het MBO in het ecosysteem, en de rol van creatief vakmanschap. Sprekers waren Matthijs Groos (art director), Sjoerd Vroonland (product designer), Frans Veringa (voorzitter CvB Hout en Meubileringscollege) en Marieke Gervers (practor RoCvA en oprichter van makers-community sQuare). Meer dan 50 deelnemers (onderwijs, overheid, ondernemers) hebben input geleverd in verschillende workshopsessies. Hun input is verwerkt in dit stuk.

Van keten naar zwerm

Er zijn potentieel 50.000 jonge makers die creatief bij kunnen dragen aan de vraagstukken van BV Nederland. De sector herkent deze mbo-talenten te weinig door een ingesleten denkpatroon. ‘Mensen plaatsen theorie boven praktijk, kennis boven vakmanschap, hoger boven lager onderwijs’, aldus reputatiedeskundige Paul Stamsnijder. Als de sector wil groeien, zo concludeert de Council, moet het frame van hoger en lager onderwijs plaats maken voor een frame van gelijkwaardigheid.

We moeten de sector gaan zien als een zwerm van creatieven. Een groep mensen met uiteenlopende achtergronden en talenten die elkaar continu beïnvloeden. Van conceptueel denkers met lange-termijnideeën tot streetsmart makers met concrete producten; als we die bij elkaar zetten, worden we innovatiever, sneller en komt er gewoon veel meer uit. Dus niet meer denken in een ouderwetse keten, waarbij de ambachtelijke makers helemaal aan het einde van de keten zitten, maar iteratief samenwerken in een zwerm.

Geïntegreerd werken

Succesverhalen als die van oud-mbo’ers Matthijs Groos (artdirector) en Sjoerd Vroonland (meubelontwerper) laten zien hoeveel impact de combinatie kennis en maakkracht kan opleveren. Groos won zes Cannes Lions met onder meer zijn werk voor Volkswagen. Vroonland is bekend om zijn meubels voor Linteloo, MOOOI en Revised. Zowel Groos als Vroonland benadrukken dat doen en denken niet te scheiden zijn en hoe belangrijk het is om te werken vanuit een bredere blik op de wereld.

Vroonland: ‘In mijn werk als ontwerper heb ik steeds meer kennis opgedaan en me ontwikkeld als ondernemer. De combinatie met mijn maakachtergrond maakt het verschil. Als een fabrikant zegt dat iets technisch onmogelijk is, leg ik mijn eigen proefmodel op tafel en bewijs dat het wél kan.’

Groos is blij met zijn tijd op het mbo, maar ook kritisch: ‘In mijn opleiding miste ik een soort van in- en uitzoomkunde. Wat is je plek in het grote geheel? Dat is misschien wat filosofischer, maar wel interessanter om mee te nemen in je werk. Pas tijdens mijn stage leerde ik door anderen om meer op deze manier te denken.’

Informeel leren

Het gat tussen het abstractere denken van het hbo en de universiteit en het concrete maken van het mbo is iets dat Marieke Gervers herkent. Als practor op het mbo en oprichter van sQuare - opgericht om creativiteit, kennisdeling en ondernemerschap te stimuleren - ziet zij dat makers van het mbo met hun vakmanschap ideeën en mensen kunnen verbinden. ‘Mbo’ers kunnen werken als een soort smeerolie in de maatschappij.’ Ze signaleert ook dat deze studenten, wanneer ze van school komen, nog erg jong zijn en meer levenservaring en extra kennis moeten opdoen. Iets wat echter niet goed lukt via de hbo-leerroute. ‘Vijfenzeventig procent van de mbo’ers kunnen naar een hoger denkniveau, maar verlaten het hbo voortijdig omdat dit clasht met wat ze tot dan toe hebben geleerd.’ Wil kennis en maken bij elkaar komen in een zwerm, moeten we als sector bouwen aan nieuwe manieren van werken en leren. Waarin informeel professionaliseren een grotere rol speelt.


Wat wij als sector kunnen doen

De Council ziet hiervoor meerdere opties. Allereerst is er een rol voor een nieuwe meester-gezelconstructies. Hierbij zou het voordoen door de meester moeten worden ingewisseld voor coachend leren en co-creatie. De gezel draagt met zijn talenten bij aan een opdracht en vergroot onderweg het inzicht van zichzelf en de meester.

Ten tweede kunnen we op regionaal niveau meer met elkaar doen. Bedrijven, Centres of Expertise (hbo) en centra voor innovatief vakmanschap (mbo) zouden bij elkaar moeten komen rondom thema’s die voor iedereen belangrijk zijn. We zien dat al succesvol gebeuren rondom thema’s als design en duurzaamheid of smart cities.

Als derde kans zien we het vergroten van hybride leeromgevingen: fysieke plekken waar werken en leren samenkomen. Geen apart gebouw waar de opleiding wordt gevolgd, maar een opleiding ín een bedrijf. Zoals in het College Hotel in Amsterdam of de Duurzaamheidsfabriek in Dordrecht.

Voor wie zich afvraagt wat er morgen al kan worden gedaan: ‘Kijk eens kritisch naar de diversiteit binnen je eigen bedrijf’, zegt Jeroen van Erp, voorzitter van de Council en founder van ontwerpbureau Fabrique. ‘Ga naast de geijkte academies en universiteiten eens scouten op de examendagen van het mbo. Koppel je conceptuele denkers aan talentvolle maker-stagiairs. En als je nieuwe ontwerpers zoekt, begin dan eens met het bekijken van de mbo’ers bovenop de stapel.’

Dit artikel is ook verschenen in Adformatie.

tekst: Merijn Hillen

afbeeldingen: collectie Sjoerd Vroonland, foto’s sprekers (privé eigendom sprekers), tekening Joost Swarte

De creatieve industrie en ICT zijn aanjagers van de economische groei

Design sterke groeier

Design is de sterkst groeiende bedrijfstak binnen de creatieve industrie met een groei van ruim 12.000 banen in de jaren 2015-2018. Dat is een gemiddelde groei van maar liefst van 16 procent per jaar. Op het grensvlak van creativiteit en digitale technologie vindt veel innovatie en groei plaats. Dat is in het vooral zichtbaar in de bedrijfstakken digital design en gaming.

Voor een deel gaat deze groei ten koste van andere creatieve domeinen. Zo is de groei bij de reclamebureaus de afgelopen periode gestagneerd. Veel marketinguitgaven van bedrijven verschuiven naar online en daar heeft de sector te maken met nieuwe concurrenten. Naast Facebook en Google zijn dit de digital design agencies en digitale marketingbureaus. Die staan vaak als ICT-bedrijf geregistreerd. Kleinschaligheid is een kenmerk van de creatieve industrie, blijkt uit de Monitor. Met 4 procent van de banen is de sector verantwoordelijk voor 11,3 procent van de bedrijfsvestigingen. Zelfstandige ondernemers domineren, in het bijzonder binnen kunsten en cultureel erfgoed.

Kleinschaligheid

De ICT-sector is met 3,7 procent van de banen verantwoordelijk voor 4,7 procent van de vestigingen. Binnen ICT domineren – anders dan binnen de creatieve industrie – de grotere bedrijven met meer dan 50 banen. Vanaf 2015 verbindt de creatieve industrie banengroei aan waardegroei. Sinds 2017 groeit de waarde zelfs sterker dan het aantal banen en verbetert het verdienvermogen. Dat is grotendeels terug te voeren op positieve ontwikkelingen binnen kunsten en cultureel erfgoed en creatieve zakelijke dienstverlening.

Verdienvermogen

Binnen de ICT-sector is de omslag naar verbetering van het verdienvermogen eerder gemaakt. In 2009 en 2010 laat de waardeontwikkeling een dip zien, terwijl het aantal banen gelijk blijft. Vanaf 2011 is er sprake van een sterke stijging in toegevoegde waarde zonder dat er sprake is van banengroei. Vanaf 2014 groeit ook het aantal banen, terwijl de gegenereerde toegevoegde waarde sterker toeneemt. Het verdienvermogen verbetert, vanaf 2016 zelfs aanzienlijk.

Concentratie in steden neemt toe

Amsterdam is met meer dan 100.000 banen in creatieve industrie en ICT. Daarmee is het met afstand de belangrijkste creatieve en ICT-stad van Nederland. Eén op de vijf banen in creatieve industrie en een op de tien banen in ICT is te vinden in de hoofdstad. Tegelijkertijd heeft Amsterdam met 16 procent van haar totale economie het op één na grootste aandeel van banen in creatieve industrie en ICT van Nederland.

In 2018 Nederland zijn er tien steden met meer dan tienduizend banen in de creatieve industrie en ICT samen, in 2015 waren dit er nog zeven. De stedelijke concentratie van beide sectoren neemt dus toe.

De stad met de sterkste specialisatie in creatieve industrie en ICT is Hilversum. Daar bevindt ruim een kwart van alle banen zich in een van beide sectoren. De stad stoelt haar specialisatie op haar unieke mediacluster, onder meer geconcentreerd op het Media Park. Hilversum is qua omvang de zevende concentratie van creatieve industrie en ICT na de G4, Groningen en Eindhoven. Dit is opmerkelijk omdat Hilversum qua omvang op zich slechts de 35e grootste stad van Nederland is. De focus op creatieve banen in de brede economie, in plaats van op banen bij bedrijven in de creatieve industrie, opent een nieuw perspectief op waardecreatie. Uit de Monitor blijkt dat tussen de 40 en 60 procent van de in Nederland werkzame creatieve professionals, buiten de creatieve industrie werkt.

Embedded creativity

De kracht van creativiteit is dus groter dan die van de creatieve industrie alleen. Zij zijn als het ware ingebed in andere sectoren. Dat wordt daarom ook wel ‘embedded creativity’ genoemd. Niet alle vormen van waardecreatie worden in beeld gebracht bij het kwantificeren van de economische bijdrage. In het recent geformuleerde missiegedreven innovatiebeleid is het crossover-concept doorvertaald naar een sleutelrol van de creatieve industrie in de transities die nodig zijn om grote maatschappelijke uitdagingen tegemoet te treden.

Maatschappelijke waarde

De maatschappelijke waarde van creatieve productie ontstaat door het ontwikkelen van toekomstgerichte ideeën en concepten die bijdragen aan een beter functionerende samenleving. Behalve de ontwerpsectoren vervullen de kunsten hier ook een belangrijke rol.

Dat geldt ook voor de inrichting van het maatschappelijke debat. De creatieve industrie is daarmee van groot belang voor de werking van ons democratisch systeem en andere pijlers van onze samenleving. Deze Monitor creatieve industrie 2019 is alweer de zevende editie van dit onderzoek. De productie is bekostigd door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, en gemeente Hilversum.

Zevende editie

Het gaat in deze blik op de creatieve industrie om een sector die creativiteit in zijn naam draagt. De sector drijft op het creërende en scheppende vermogen van individuen, groepen, bedrijven en organisaties. Creatie, productie en exploitatie (of uitgeven) vormen samen de kern van de creatieve industrie. Dat geldt voor de drie hoofdcategorieën of deelsectoren die binnen de creatieve industrie worden onderscheiden: de media- en entertainmentindustrie, kunsten en cultureel erfgoed en creatieve zakelijke dienstverlening. ICT is zowel van belang als zelfstandige economische sector én als enabler van innovatie in de gehele economie. Ontwikkelingen in de ICT-sector hebben bijzondere implicaties voor de creatieve industrie omdat in beide sectoren informatie centraal staat in de bedrijfsvoering. De één creëert, produceert en exploiteert informatie en symbolisch materiaal voortkomend uit creatieve productie; de ander zorgt voor technologie gericht op productie, distributie en consumptie van informatie.

ICT

Op het breukvlak van ICT en creatieve industrie ontstaan vormen van bedrijvigheid die steeds moeilijker toe te wijzen zijn aan de een of de ander. Andersom geldt dat de creatieve industrie ICT-systemen toegankelijk maakt door user interface design en customer journeys. Ze bedenkt ook toepassingen voor internet of things en big data. Een ander element dat creatieve industrie en ICT verbindt, is dat de ontwikkelingen in deze domeinen gevolgen hebben voor de economie als geheel. Naast het perspectief van de bedrijven in de creatieve industrie, is in de Monitor voor het eerst de rol en betekenis van creatief scheppend talent bepaald voor de werkgelegenheid. Nieuw voor deze editie van de Monitor creatieve industrie is ook de extra publicatie met acht cases van creatieve ondernemers. Die voorbeelden laten zien dat niet alle impact die creatieve makers en bouwers genereren, kan worden gevat in de cijfers van de Monitor. Er vindt veel meer waardecreatie door de creatieve industrie als bron van kwalitatief hoogstaande innovatie en vernieuwing, en als procesinnovator. De creatieve industrie heeft daarom niet voor niets een sleutelrol in het nieuwe missiegedreven innovatiebeleid.

De Monitor is tot stand gekomen door financiering van de Topsector Creatieve Industrie (MinOCW en MinEZK) en de gemeente Hilversum, en is hier gratis te downloaden, en kent twee delen: de analyse van de sector plus een aantal profielen van inspirerende creatieven.

Platform Creatieve Economie

Om de kracht van de Nederlandse creatieve sector in de volle breedte nog beter te kunnen benutten, voor zowel de vraag- als aanbodzijde, gaan VNO-NCW, MKB-Nederland en de Federatie Creatieve Industrie de mogelijkheden onderzoeken om de positie van de creatieve sector verder te versterken. Dit is de intentie die afgelopen donderdag 21 november in de Malietoren tussen de drie betrokken organisaties werd overeengekomen.

Frits Grotenhuis is aangesteld als kwartiermaker om in het eerste kwartaal van 2020 door middel van een brede inventarisering met betrokken sectoren, VNO-NCW, MKB-Nederland en de Federatie Creatieve Industrie een plan van aanpak en agenda voor een breedgedragen Platform Creatieve Economie op te stellen.

Op de foto vlnr: Leendert Jan Visser, directeur MKB Nederland; Han Bekke, voorzitter Federatie Creatieve Industrie en Cees Oudshoorn, directeur VNO NCW

Nederland investeert 4,9 miljard in innovatie komend jaar

het nieuwe Kennis- en Innovatie Convenant (KIC) dat 11 november werd afgesloten, laat zien dat ruim 2.200 bedrijven, kennisinstellingen en overheden gezamenlijk in innovatie willen investeren. Zij bundelen hun krachten binnen de topsectoren om economische kansen van maatschappelijke uitdagingen (energietransitie & duurzaamheid, landbouw, water & voedsel; gezondheid & zorg; veiligheid) en sleuteltechnologieën (zoals AI, fotonica, nano en quantum) te benutten.

Ten opzichte van 2019 sluit een groot aantal nieuwe partners bij het KIC aan: provincies, regionale ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s), extra ministeries, kennisinstellingen, universiteiten en hogescholen. Veel nieuwe partners zijn meer regionaal georiënteerd en maken het daarom ook makkelijker voor het mkb om aan te sluiten bij onderzoek en ontwikkeling. Alle partijen die nodig zijn voor innovatie, zijn aangesloten: van onderzoekers tot ondernemers die deze innovaties ontwikkelen, en van investeerders tot overheden, die hen daarbij ondersteunen.

Staatssecretaris Mona Keijzer: “We hebben jaarlijks 4,9 miljard euro tot en met 2023 om met slimme technologieën grote maatschappelijke uitdagingen aan te pakken: Nederlandse oplossingen voor internationale, maatschappelijke uitdagingen. Zo werken we aan het veiligstellen van onze banen en inkomsten in de toekomst.”

Creatieve Industrie

De topsector Creatieve Industrie is een van de trotse ondertekenaars van het convenant. We dragen bij aan gedragen oplossingen voor de maatschappelijke vraagstukken met vernieuwende interventies en methodes. Daarin zetten we behoeftes en gedrag van mensen centraal. Dit leidt onder meer tot duurzame en gezonde producten, gebouwen en leef- en werksituaties, maar ook tot gebruiksvriendelijke en verleidelijke diensten en zinvolle bijdragen aan een veilige samenleving die de technologische ontwikkelingen naar een hoger plan brengen.

Maatschappelijk Verdienvermogen

De creatieve industrie neemt daarnaast de verantwoordelijkheid op zich voor de uitvoering van de agenda voor Maatschappelijk Verdienvermogen. Daarin ondersteunen we de projecten in de vier maatschappelijke missiethema’s bij het opschalen en realiseren van verdienvermogen. Dat doen we door te richten op de regionale inbedding, waar alle uitdagingen samenkomen binnen lokale vraagstukken.

Sleuteltechnologieën

Sleuteltechnologieën vormen een apart thema binnen het KIC. Naar verwachting wordt in 2020 ongeveer 1 miljard euro geïnvesteerd in deze veelbelovende technologieën. Dit bedrag biedt mogelijkheden voor het invullen van de bestaande Nationale Agenda’s voor AI, quantum, fotonica, composieten en nanotechnologie, maar ook voor andere sleuteltechnologieën zoals batterijtechnologie.

Topsectoren aan de frontlinie van technologie

Nederland schreeuwt om goed opgeleide mensen die aan de slag kunnen met alle maatschappelijke uitdagingen rond zorg, energietransitie, voedselindustrie, veiligheid, etc. De topsectoren hebben een belangrijke positie aan de frontlinie van de (technologische) ontwikkelingen en zien dat Nederland door de snelheid een collectieve leerachterstand moet inlopen. Dit vraagt om learning communities en blijvend investeren in de ontwikkeling van mensen op cruciale gebieden. Hiervoor hebben de topsectoren de “Roadmap Human Capital 2020-2023: samen aan de slag” gemaakt en aangeboden aan de Tweede Kamer.

In 2023 willen de topsectoren 100 learning communities realiseren via fieldlabs, meetingpoints, living labs, skillslabs, centres of expertise, centra voor innovatief vakmanschap, lectoraten en practoraten. In een learning community komt onderwijs, wetenschap en de praktijk samen. Hiermee zetten topsectoren nog sterker in op de vervlechting van het innovatiebeleid met de human capital aanpak. Nieuwe kennis en ervaring rond de maatschappelijke uitdagingen komt daarmee sneller op de werkvloer, in het onderwijs en bij bedrijven.

100 Learning communities in 2023

In 2023 willen de topsectoren 100 learning communities realiseren via fieldlabs, meetingpoints, living labs, skillslabs, centres of expertise, centra voor innovatief vakmanschap, lectoraten en practoraten. In een learning community komt onderwijs, wetenschap en de praktijk samen. Hiermee zetten topsectoren nog sterker in op de vervlechting van het innovatiebeleid met de human capital aanpak. Nieuwe kennis en ervaring rond de maatschappelijke uitdagingen komt daarmee sneller op de werkvloer, in het onderwijs en bij bedrijven.

Bekijk hier het totale Kennis- en Innovatie Convenant

Beeld: Floor van der Sluijs

Nieuwe Kennis- en Innovatie Agenda Creatieve Industrie 2020-2023

Op 1 oktober 2017 publiceerde CLICKNL de Kennis- en Innovatieagenda voor de Topsector Creatieve Industrie 2018-2021. Een prachtige agenda, met visie en ambitie. Nu, nog geen twee jaar later, ligt deze geactualiseerde agenda alweer voor u. Gaan de ontwikkelingen in de wereld dan echt zo snel dat er een aangepaste agenda nodig is?

Meer nog dan twee jaar geleden is Nederland zich – net als een groot deel van de wereld – bewust van de maatschappelijke opgaven die ons wachten. Of het nu gaat om het klimaat, de landbouw, de zorg, onze veiligheid, mobiliteit of energievoorziening; we staan aan de vooravond van grote transities. En die transities hebben de creatieve industrie hard nodig. Niet alleen om met slimme, passende en originele producten en diensten te komen die mensen verleiden of in beweging brengen, maar ook door een wereld te scheppen waarin die innovaties een voedingsbodem vinden, een cultureel en maatschappelijk klimaat van veranderingsbereidheid.

Deze sleutelrol voor de creatieve industrie zien wij niet alleen vanuit de sector zelf, ook de rest van de wereld heeft die kracht inmiddels ontdekt en erkend. Om die uitdagende rol op te pakken en verder te brengen is een veerkrachtige sector nodig, een sector die ambitieus en tegelijk ook realistisch is over haar bijdrage, een sector die gedreven wordt door kennis en zich laat ondersteunen door methoden. Voor het empoweren van die bloeiende en kansrijke sector is deze hernieuwde agenda, met als titel Veerkracht.

De volledige KIA is hier te downloaden. Meer informatie over de KIA kun je vinden op de site van CLICKNL.

Nieuw lid Topteam Kevin de Randamie

Als nieuw lid van het Topteam Creatieve Industrie gaat Kevin de Randamie op zoek naar manieren om de samenwerking tussen bedrijven en de creatieve industrie te stimuleren en te verduurzamen.

‘God heeft een grappig gevoel voor humor, zeg ik altijd. Want daar waar creativiteit is, is geen geld en waar geld is, is geen creativiteit’, zegt Kevin de Randamie, sinds kort lid van het Topteam Creatieve Industrie met in zijn portefeuille de Human Capital Agenda. ‘De uitdaging is om die partijen bij elkaar te brengen. Daar zie ik niet alleen mogelijkheden voor, het is in verschillende projecten voor bedrijven als T-Mobile, Intel en Rabobank ook al gelukt. Door zulke projecten ervaren dit soort bedrijven de toegevoegde waarde van creativiteit. Mijn zoektocht binnen het Topteam zal gericht zijn op het vinden van de goede instrumenten om die energie te laten circuleren en de samenwerking met de creatieve wereld te verduurzamen.’

Hiphop

De Randamie, als hiphopartiest bekend onder de naam Blaxtar, is oprichter van Braenworks Academy, een business school voor creatieve professionals. Hij begon zijn muzikale carrière in de rapgroep Rudeteenz samen met zijn jongste broer Typhoon en de groep die later bekend zou worden onder de naam Opgezwolle. Hij bracht in 2006 zijn eerste album (Ozmoses) uit, in 2007 gevolgd door Chronozbaäl. In 2006 won hij de Grote Prijs van Nederland. Later maakte hij ook deel uit van Kyteman’s Hiphop Orchestra en was hij oprichter van het poëzieplatform SPOKEN.fm.

Braenworks

In 2010 ondervond De Randamie tijdens de economische crisis de gevolgen van een slecht ontwikkelde businesskant. Hij begon daarop een onderzoek naar het gebrek aan zakelijk inzicht bij hemzelf, artiesten en andere creatieven. Van lieverlee werd hij een businesscoach voor andere artiesten, onder wie zijn broer Typhoon, maar ook designers, dansers en producenten. Daaruit kwam Braenworks voort, een businessplatform waar creatieve professionals elkaar vinden en versterken op zakelijk gebied. Een uitvloeisel hiervan is Braenworks Academy, een uniek lesprogramma waarin creatieve professionals samen werken aan persoonlijke groei en zakelijk succes.

LAAGHANGEND FRUIT

Als lid van het Topteam wil De Randamie de werelden van sociale innovatie, human capital en mind-settraining bij elkaar brengen. ‘Die werelden hebben veel raakvlakken, maar vinden elkaar nog niet gemakkelijk, terwijl de impact daarvan heel groot kan zijn. Ik praat door mijn werk met heel veel partijen, van ministeries tot makers in underground studio’s. Wat ik zie is dat die werelden complementair aan elkaar kunnen zijn. Maar ze missen een gemeenschappelijke taal en weten simpelweg niet dat ze soms hetzelfde willen. Dat is laaghangend fruit en ik wil ervoor gaan zorgen dat dat geoogst gaat worden.’

Het topteam functioneert als dagelijks bestuur van de Council en wordt ondersteund door een secretaris vanuit het Ministerie van Economische Zaken. Het topteam komt gemiddeld eens per twee weken bij elkaar. Het topteam bestaat uit een boegbeeld uit de sector, een vertegenwoordiger uit de wetenschap, een topambtenaar en een innovatieve ondernemer uit het MKB. Voor de creatieve industrie zijn dit:

Topteam Creatieve Industrie

  • Jann de Waal, waarnemend boegbeeld CEO en eigenaar van Info.nl
  • Barbera Wolfensberger, Directeur-Generaal Cultuur & Media, Ministerie OCW
  • Paul Hekkert, hoogleraar Vormtheorie en hoofd van de afdeling Industrial Design, faculteit Industrieel Ontwerpen, TU Delft
  • Kevin de Randamie, CEO en eigenaar Braenworks, tevens werkzaam als performer onder de naam Blaxtar

Dit zijn de winnaars van de Dutch Interactive Awards 2019

Creatieve industrie belangrijker dan gangbare cijfers suggereren

Nieuw programma IDOLS* kans voor creatieve en culturele professionals, coaches en opdrachtgevers

De creatieve en culturele sector is bij uitstek in staat om complexe vraagstukken en maatschappelijke uitdagingen te vertalen in innovatieve oplossingen waarbij de gebruiker centraal staat. Om deze uitdagingen en de probleemeigenaren op een effectieve manier met de creatieve en culturele professionals te verbinden, is het programma IDOLS* (Increasing Demand by Offering LearningS) beschikbaar waarbinnen een tiental projecten zal gaan lopen. Het Ministerie van OCW stelt voor de uitvoering van dit programma eenmalig 1 miljoen euro beschikbaar.

Arbeidsmarktagenda

IDOLS* is ontwikkeld in het kader van de Arbeidsmarktagenda Culturele en Creatieve Sector. Opdrachtgevers, onder begeleiding van ervaren coaches, doen ervaring op met de inzet van creatieve en culturele professionals bij maatschappelijke vraagstukken. Tegelijkertijd doen deze professionals ervaring op met het in consortia samenwerken aan maatschappelijke vraagstukken. Door van tien projecten learnings op te halen en deze tegelijkertijd als voorbeeld in te kunnen zetten, draagt IDOLS* bij aan de verruiming van de markt en het verbeteren van de arbeidsmarkt en concurrentiepositie van de culturele en creatieve sector.

De maatschappelijke uitdagingen waar IDOLS* op focust komen voort uit het missiegedreven innovatiebeleid van het kabinet. De vier missiethema’s binnen dit beleid zijn veiligheid; gezondheid & zorg; energietransitie & duurzaamheid en landbouw, water & voedsel. Projecten binnen IDOLS* zullen grotendeels binnen deze missiethema’s vallen.

Tijdlijn

IDOLS* is op 13 juni in de Social Impact Factory in Utrecht gelanceerd tijdens CHARGE 2019 van CLICKNL. Naast de lancering van IDOLS*, zal een viertal potentiële opdrachtgevers hun vraagstuk pitchen en is er mogelijkheid om met elkaar te netwerken om consortia te vormen. Daarnaast worden op deze dag de missiethema’s van het missiegedreven innovatiebeleid toegelicht, aan de hand van voorbeelden.

Meedoen?

Geïnteresseerde potentiële opdrachtnemers, opdrachtgevers en coaches kunnen zich vanaf CHARGE online inschrijven via de website die die dag online gaat; www.projectidols.nl. Aanmelden kan tot 1 augustus voor opdrachtgevers en coaches, en tot 15 augustus voor consortia van opdrachtnemers. Op 2 september wordt aan de eerste projecten een ‘go’ gegeven. Het programma loopt tot juni 2020, wanneer de eindpresentatie is gepland.

Eerste Lustrumeditie Embassy of Dutch Creativity

Kabinet stelt 25 missies vast voor het Topsectoren- en innovatiebeleid

Op 26 april 2019 heeft het kabinet een brief aan de Tweede Kamer gezonden over het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid. In de brief zijn voor vier maatschappelijke thema’s missies benoemd:

1) energietransitie & duurzaamheid;

2) landbouw, water & voedsel;

3) gezondheid & zorg, en;

4) veiligheid.

Acht ministeries hebben, samen met ondernemers en kennisinstellingen uit de 9 Topsectoren, 25 missies vastgesteld om de Nederlandse economie te versterken binnen de 4 maatschappelijke thema’s. Topsectoren gaan samen met ministeries en kennisinstellingen op basis van de missies en sleuteltechnologieën de kennis- en innovatieagenda’s opstellen. Het kabinet maakt in een later stadium bekend hoe de beschikbare financiële middelen worden ingezet. De Topsector Creatieve Industrie zal aan veel van die verschillende missies belangrijke bijdrages kunnen leveren.

Nieuwe privaat secretaris Topteam en Creative Council

Mir Wermuth werkt als freelance programmamanager voor verschillende organisaties in de creatieve industrie. Zo is ze reeds jarenlang betrokken bij iMMovator - nu Media Perspectives -, als programmamanager op het gebied van talentontwikkeling en internationalisering.

Ook heeft ze tot voor kort gewerkt als zakelijk leider van designlab Next Nature Network en als bestuurslid bij het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek.

Mir is gepromoveerd op een onderzoek naar de hiphop-subcultuur, en heeft een brede ervaring op het gebied van marktonderzoek, communicatieonderwijs en mediaconsultancy.

Maatschappelijke uitdagingen vragen om innovatief cultuurbeleid

Rotterdam Monitor Creatieve Industrie 2018

Panorama Nederland als optimistisch en aantrekkelijk toekomstbeeld

Rol ontwerpsector bij klimaatadaptatie en energietransitie

‘Ontwerp voor de Toekomst’

Hoe sterke creatieve regio’s Nederland kunnen helpen omdenken

Kabinet: Innovaties en topsectorenbeleid richten op maatschappelijke uitdagingen

Klimaatakkoord neemt crossover-advies topsectoren Creatieve Industrie, Energie en team ICT mee

Towards Data Driven Creativity: Talpa Network start flagshipproject met CLICKNL

Missie ‘Vernieuwend Nederland’

Brief over arbeidsmarktagenda culturele en creatieve industrie aan Minister van Engelshoven

Smart society meets design

Programmaraad CLICKNL geïnstalleerd

De industrieel ontwerper als verbinder tussen creativiteit, innovatie en maatschappelijk debat

The next big thing for business? Creativity

De groeipuzzel

Creatieve industrie draagt bij aan Nederland Circulair 2050

Topsectoren continueren samenwerking op thema Human Capital

Over de chemie tussen ontwerpers en hun opdrachtgevers

Goed ontwerp rendeert bovengemiddeld

100 ideeën voor 2018

Ontwerpen voor zorg van morgen

De fluïde rol van de creatief professional

Internationale IoT design community verzamelt zich in Amsterdam

Waarom iedere creatieve professional de mogelijkheden van Artificiële Intelligentie moet omarmen

‘Overheden, kijk naar volle breedte van muzieksector’

Overheden moeten bij het maken van muziekbeleid kijken naar de volledige breedte van de muziek. Dit schrijft de Raad voor Cultuur in het eerste van tien sectoradviezen die hij de komende maanden uitbrengt. Het advies in het kort: ontwerp een integraal, inclusief muziekbeleid dat het hele veld in samenhang beziet en dat geen genres of publieksgroepen buitensluit – en trek daarvoor als overheden samen op.

Van oudsher stroomt rijkssubsidie vaak naar klassieke-muziekgezelschappen. Voor het eerst in zijn geschiedenis brengt de Raad voor Cultuur een advies uit waarin de muzieksector in de volle breedte wordt bekeken; van de symfonische orkesten en de klassieke en hedendaagse ensembles tot de jazz en geïmproviseerde muziek, de popmuziek, de wereldmuziek, de urban muziek (zoals hiphop en r&b), en de dance en elektronische muziek.

Nu gaat het geld en de aandacht vooral naar de Randstad, waar topinstellingen zitten als het Koninklijk Concertgebouworkest en De Nationale Opera. Dat het ook anders kan, illustreert de Raad met een voorbeeld van het Noord Nederlands Orkest. Dat trok in 2016 tienduizend Groningers met het openluchtconcert Tribute to the Stones. Ook breekt de raad een lans voor muziekeducatie. Veel basisscholieren leren amper iets over muziek en in het ooit wijdvertakte netwerk van gesubsidieerde muziekscholen zijn gaten gevallen.

Inkomens van muzikanten

Een andere prioriteit die het rapport noemt, is een betere honorering van musici. In 2011 heeft VVD-staatssecretaris Halbe Zijlstra flink bezuinigd op het kunstbudget. Sindsdien hebben veel musici inkomen ingeleverd, of ze verloren zelfs hun werk. Het advies toont aan waarom het niet alleen in de klassieke muziek, maar ook in nieuwere genres wenselijk is dat de overheid helpt de markt bij te sturen: alleen een heel kleine toplaag van pop- en urban muzikanten kan leven van de muziek; zelfs artiesten die grote mediabekendheid genieten, fulltime in de muziek werken, volle zalen trekken en vaak worden gestreamd, halen hier zelden volwaardige inkomens uit. Daarvoor zijn de gages te laag en worden de streamingsinkomsten te onredelijk verdeeld; deze gaan nog altijd voornamelijk naar mediamagnaten als Google, Facebook en YouTube.

Berend Schans, directeur Vereniging Nederlandse Poppodia en -Festivals (VNPF) reageert in de Volkskrant: ‘In eerdere adviezen kwam ik het woord ‘pop’ veel minder vaak tegen, dus dat is al een goede ontwikkeling. In het verleden leek muziek door het Rijk te worden beschouwd als een soort cultureel erfgoed, gevormd door oude bildungsidealen. Dat kan niet meer. Pop is net zo goed belangrijk cultuurgoed.’ Gabriël Oostvogel, voorlopig Voorzitter van de Klassieke Muziek Coalitie die afgelopen 23 november werd opgericht: ‘Het advies sluit nauw aan bij onze doelstelling en bij de ontwikkelingen in de muziekwereld van de laatste jaren. Ook wij willen publieksverbreding en ook wij willen de positie van klassieke muziek verstevigen en versnippering bestrijden.’

De balans, de behoefte

Het document waarmee de raad een voorzet geeft voor het muziekbeleid van de toekomst heet De balans, de behoefte. Die titel is ontleend aan het nummer Surfen van rapper Typhoon. Lees hier het volledige sectoradvies Muziek.
Het sectoradvies muziek is het eerste van een reeks deelanalyses die de Raad voor Cultuur de komende maanden uitbrengt. Ook andere kunsten zoals theater, beeldende kunst, de audiovisuele sector, musea en letteren, worden onder de loep genomen, op weg naar de nieuwe subsidieperiode die in 2021 begint.

Innofest wint hoofdprijs Europese award voor ondernemerschap

Waarom creatief leiderschap hard nodig is

‘Crafting future creative jobs – wat doet de creatieve professional van de toekomst?’

Op donderdag 16 november komt de Council voor de tweede keer dit jaar bij elkaar in de ADAM toren. Dit keer is het onderwerp ‘Crafting future creative jobs – wat doet de creatieve professional van de toekomst?’

Met Bas Haring, Vanessa Evers, Pieter Winsemius en Wessel van Beerendonk starten we de middag met vier fantastische sprekers. Zij gaan vanuit hun verschillende perspectieven in op het centrale onderwerp. Na de presentaties volgen drie deelsessies, gericht op onderlinge discussie en het formuleren van een advies aan de relevante partijen. De volgende vragen staan centraal:

- Wat doet de creatieve professional van de toekomst?
- Hoe werken we samen met bedrijven, overheid en instellingen?
- Hoe krijgen we de huidige sector zover dat we over 10 jaar nog steeds ‘spot on’ zijn?
- Wat zijn de blokkades en hoe zorgen we voor de gewenste verandering?
- Wat is daarvoor nodig van creatieve professionals, opdrachtgevers en overheid?

We willen een toekomstgerichte discussie voeren over wat ons, als sector, te doen staat in relatie tot technologische veranderingen. Hierbij kijken we naar de uitwerking van technologie op de creatieve professional, opdrachtgevers, het onderwijs, de overheid en de politiek. Hoe zorgen we daarbij voor de gewenste beweging? We streven naar een scherpe discussie die richting kan geven aan de agenda van en voor de creatieve industrie in de komende jaren. Output is een opiniestuk van de Council gericht aan de stakeholders in het ‘creatieve landschap’ en een brief met onze voornaamste aanbevelingen
aan het nieuwe Kabinet om als Nederland ook in de toekomst voorop te blijven lopen als creatieve, innovatieve, inclusieve economie en samenleving.

Pieter Winsemius: ‘Stap over zekerheden heen om creativiteit te creëren’

Nieuwe Kennis- en Innovatieagenda voor de Creatieve Industrie 2018-2021

Regeerakkoord biedt kansen voor de creatieve industrie

‘Ontwerpers moeten oplossingen bedenken voor wereldproblemen’

Voortgangsrapportage Bedrijvenbeleid

Samen voor ons eigen

Voortgangsrapportage Human Capital Roadmap Topsectoren 2016-2020

‘35 under 35’: twee Nederlandse creatieven

Creatieve industrie richt zich op maatschappelijke uitdagingen

DRIVE Design Research & Innovation Festival

Hoe creatieve sectoren kunnen profiteren van blockchain

Jann de Waal waarnemend boegbeeld topsector Creatieve Industrie

Jann C. de Waal is met ingang van 1 juli 2017 waarnemend boegbeeld van de topsector Creatieve Industrie. Hij volgt daarmee Barbera Wolfensberger op, die per 1 juli directeur-generaal Cultuur en Media is geworden bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Wolfensberger was sinds 2014 boegbeeld van de creatieve industrie.

Waarnemend boegbeeld
Jann de Waal heeft een groot netwerk en een lange carrière in de creatieve sector. Hij is eigenaar van Info.nl, een bureau voor de ontwikkeling van digitale producten en platformen. Daarnaast is hij actief in verschillende publieke organisaties rondom innovatie, onderwijs en de creatieve industrie. Na het vertrek van Barbera Wolfensberger heeft de topsector gekeken naar een waarnemer uit eigen gelederen die bekend is met de creatieve industrie en snel het stokje kon overnemen rond de Kennis & Innovatieagenda en het Kennis- en Innovatiecontract dat momenteel wordt voorbereid. De Waal maakt al sinds 2016 al deel uit van het topteam Creatieve Industrie, w aar hij zich bezighoudt met de internationalisering van de Nederlandse creatieve industrie. Ook is hij lid van het bestuur van CLICKNL, het Topconsortium voor Kennis & Innovatie (TKI) van de creatieve industrie. Daar zet hij zich in als linking pin om de grotere onderzoeksprogramma’s goed te vervlechten met de behoeftes van het bedrijfsleven.

Innovatieve en inclusieve samenleving
De Waal: “We hebben als topsector grote stappen gezet. We zijn goed georganiseerd, aangesloten op het gebied van internationalisering en human capital. Nu gaan we een volgende fase in. Naar een nieuw kabinet. Ik vind het belangrijk dat wij als topsector Creatieve Industrie een bijdrage kunnen leveren aan de innovatieve en inclusieve samenleving.”

Topsectoren
De creatieve industrie is één van de negen topsectoren, waar het Nederlandse bedrijfsleven en kennisinstellingen wereldwijd bijdragen aan de concurrerende positie van Nederland op de wereldmarkt. Of het nu gaat om Dutch Design, serious gaming, architectuur of dance muziek; de creatieve industrie is wereldwijd steeds toonaangevender. De creatieve sector is bij uitstek gewend om vooruit te kijken naar de vraagstukken van morgen en te werken aan crossectorale innovatie.

De creatieve industrie in 32 mijlpalen

Leven Lang Ontwikkelen: 20 voorbeelden

Leven Lang Ontwikkelen: aanbevelingen

Innofest in finale van Europese Awards voor Ondernemerschapsbevordering (EEPA) 2017

Barbera Wolfensberger nieuwe DG Cultuur & Media

The power of creative ownership. Creating impact. Capturing value.

De Council komt op donderdag 18 mei bij elkaar in de ADAM toren. Hoofdonderwerp van deze Council is ‘The power of creative ownership. How to create impact & capture value?’. Jeroen Raijmakers, Senior Director Design Innovation, Philips Design, Nadine van Bodegraven, Zakelijk Directeur Armada Music (o.a. Armin van Buuren) en Hermen Hulst, Vice President World Wide Studios Europe, Sony Computer Entertainment, trappen af met hun visie op het centrale thema.

In twee interactieve deelsessies met diverse thought leaders uit de creatieve industrie wil de Council tot - vanuit meerdere invalshoeken bekeken - antwoorden komen, die de basis zullen zijn voor een opinie en een video-essay. Belangrijke deelvragen zijn:

Power: risico & verantwoordelijkheid in de waardeketen
Hoe kunnen we als creatieve industrie meer verantwoordelijkheid en risico nemen door (mee) te investeren in de waardeketen van R&D, creatie, productie, distributie, verkoop en gebruik?

Ownership: samenwerking, intellectueel eigendom & andere business modellen
Wat zijn gegeven de steeds verder gaande technologie en digitalisering – naast vaste bedragen / uurtje-factuurtje – kansrijke business modellen en welke rol speelt intellectueel eigendom daarbij?

Geprint skelet helpt chirurg in opleiding

Augmented reality tegen agressie

Service design masterclasses voor MKB Maakindustrie

Creativity will be the source of our next industrial revolution, not machines

Dutch Design Week en Designstad Eindhoven lanceren World Design Event

Using Dutch creativity to inpire the world

KLM en TU Delft: Design Doing

HvA lanceert Master Digital Design

De Hogeschool van Amsterdam (HvA) start in september 2017 met de eerste masteropleiding Digital Design in Nederland. Deze internationale masteropleiding richt zich op talentvolle digital designers uit de hele wereld die zich binnen hun vakgebied (verder) willen ontwikkelen tot hoogopgeleide specialisten. De eenjarige master werd na een lange voorbereidingstijd recent geaccrediteerd door de NVAO, de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie. De faculteit Digitale Media en Creatieve Industrie (FDMCI) van de HvA werkt binnen de master nauw samen met negen toonaangevende digital design-bureaus.

Creatieve professionals
De creatieve industrie speelt een belangrijke economische rol in Nederland. Binnen die sector is digital design een belangrijke aanjager van innovatie en productontwikkeling. Om die reden is de digitale sector de afgelopen jaren dan ook snel gegroeid. Om nog beter op de groeiende vraag naar hoogopgeleide digital designers in te kunnen spelen, start de HvA met de nieuwe master Digital Design. Binnen deze toonaangevende master kunnen talentvolle digital designers uit de hele wereld zich ontwikkelen tot creatieve professionals die over grenzen van hun vakgebied kunnen kijken: visionaire creatievelingen met excellente technische skills en een fascinatie voor digitaal vakmanschap. Designers die valide en adequate oplossingen kunnen bedenken voor grote, complexe problemen van deze wereld.

Nauwe samenspraak
De master Digital Design richt zich op grote, complexe maatschappelijke vraagstukken waarvoor innovatieve digitale oplossingen nodig zijn. Met behulp van digitale ontwerpen kunnen afgestudeerde masterstudenten een bijdrage leveren aan het oplossen van deze vraagstukken. De opzet en het curriculum van de nieuwe master is in nauwe samenspraak tussen de HvA en negen design-bureaus samengesteld. De betrokken bureaus zijn: Achtung!, DDB & Tribal Amsterdam, FHV BBDO, Fabrique, MediaMonks, Mirabeau, Momkai, Tam Tam en Woedend!. Deze bureaus zullen ook na de start van de master hun bijdrages aan de masteropleiding blijven leveren.

Master of Science
De opleiding die in september start, staat open voor maximaal 24 studenten uit de hele wereld. Zij moeten in het bezit zijn van een relevante afgeronde bachelor. Bovendien wordt een visie op digital design, een relevant portfolio op het gebied van digital design en een sterke internationale oriëntatie verwacht. De voertaal van de opleiding is Engels. Studenten die de master succesvol afronden mogen de titel Master of Science (MSc) voeren. Inschrijven voor deze masteropleiding is mogelijk tot 1 mei 2017. Kijk voor meer informatie over het programma en de inschrijf- en selectieprocedure op

amsterdamuas.com/mdd

(bron: HvA)

.

WDCD start Climate Action Challenge

Ontwerpkracht voor het NL van NU - oproep aan de informateur

Aan de informateur,

Met de crisis nog maar net achter ons, vertoont Nederland momenteel groei en krimp naast elkaar. Het nieuwe kabinet zal moeten werken aan de knelpunten in de zorg, de groeiende maatschappelijke tweedeling, het gebruik van duurzame energie én moet met een plan komen om in de benodigde één miljoen extra woningen te kunnen voorzien. De Nederlandse creatieve industrie wil bijdragen aan het vormgeven van oplossingen voor deze vraagstukken.

In initiatieven als ‘NL next level’, ‘De Bouwagenda’, ‘Onderwijs 2032’ en het ‘Klimaatakkoord van Parijs’ manifesteert zich een cultuur van optimistische vernieuwing. De ruimtelijke impact van de omschakeling naar duurzame energie, de verduurzaming van de voedselproductieketens en de digitalisering van de samenleving is enorm. Sociale thema’s zoals de maatschappelijke tweedeling, de vergrijzing en de transformatie van de zorg vragen om nieuwe inzichten hoe we onze samenleving vorm willen geven. Wij bieden het toekomstige kabinet aan ontwerpkracht te gebruiken om oplossingen te vinden met originaliteit, verbeeldingskracht en verbindend vermogen en daarmee ook internationaal inspirerend te zijn, zoals in onderstaande voorbeelden:
De kansen voor nieuwe ontwerpoplossingen in zorg, welzijn, onderwijs en sociale kwesties zijn legio. Bovendien heeft Nederland bewezen goed te zijn in het koppelen van design aan nieuwe werelden. De creatieve industrie heeft ons land internationaal een ijzersterke reputatie opgeleverd. Graag wordt de ontwerpwereld nu opnieuw aangesproken op dit creatieve vermogen, zodat we met onze ontwerpkracht kunnen meebouwen aan het Nederland van nu en anticiperen op het Nederland van morgen. De ondertekenaars van deze brief stellen de volgende drie acties voor:
Wij staan open voor een dialoog en lichten deze brief graag toe,

  • Ruimte voor de rivier realiseerde op meer dan dertig plekken een veiliger rivierengebied en een betere leefomgeving door toepassing van ontwerp. In het klein sprak Kustwerk Katwijk tot de verbeelding. In een publiek-private samenwerking werd bij het duinengebied een ondergrondse parkeergarage gerealiseerd die ook de kust versterkt.
  • Een internationaal tot de verbeelding sprekende aanpak die naar meer smaakt biedt Heineken, dat in 2020 klimaatneutraal bier gaat brouwen in harmonie met zijn omgeving.
  • En toekomst zit er ook in producten die duurzaam en innovatief zijn. Zoals de Fairphone: een Nederlandse smartphone die een zuivere resource productieketen propageert en sociaal inclusief produceert.
  1. Betrek ontwerpers bij het scherp krijgen van de vragen met betrekking tot klimaatadaptatie, verduurzaming, toekomst zorg en het brede scala van maatschappelijke veranderingen. Zet in op ontwerpend onderzoek, experiment, ideeën prijsvragen en innovatie: nieuwe vragen, nieuwe antwoorden. Spreek het creatieve potentieel aan vanuit een integrale visie;
  2. Maak de toegevoegde waarde van de ontwerpkracht zichtbaar als richtsnoer voor volgende projecten en als overtuigend bewijsmateriaal;
  3. Vind de beste én meest geschikte ontwerpers door innovatieve en toegankelijke aanbestedingen waarbij kwaliteit voorop staat en (jonge) ontwerpers niet a priori worden uitgesloten.

Floris Alkemade, Rijksbouwmeester

Syb Groeneveld, Stimuleringsfonds Creatieve Industrie

Bart Ahsmann, Click NL

Ben Kuipers, NVTL

Desirée Majoor, Topteam Creatieve Industrie

Elma van Boxel, ZUS

Fred Schoorl, BNA

Gerard Loozekoot, UNStudio

Harry Starren, Federatie Dutch Creative Industries

Het Nieuwe Instituut

Jann de Waal, Topteam Creatieve Industrie

Jeroen van Erp, Dutch Creative Council

Jules van de Vijver, HKU

Madeleine van Lennep, BNO

Marleen Stikker, Waag Society

Martijn Paulen, Dutch Design Week

Patric Hanselman, MODINT

Peter Everts, Creative Council Northern Netherlands

Richard van der Laken, What Design Can Do

Tim Vermeulen, World Design Event

Wilt U mee ondertekenen? Gebruik dan deze

link

Creatieve industrie draagt substantieel bij aan economisch herstel

BE THE FUTURE – Open call Dutch Design Awards 2017

Q&A Creatieve Industrie

In Nederland hebben we ruim 180.000 mensen in de creatieve industrie werken. Maar wat is dat dan precies? De Q&A van de creatieve industrie in Nederland: van architectuur en games tot G-Star Raw en WeTransfer.

Lees het nieuwe Q&A boekje, deel het via social media of e-mail, en download het voor jezelf.

Service design-voucher voor mkb-maakindustrie

SER arbeidsmarktverkenning culturele en creatieve sector

De Sociaal-Economische Raad (SER) en de Raad voor Cultuur werken gezamenlijk aan een vervolg op hun arbeidsmarktverkenning in de culturele en creatieve sector die zij vorig jaar hebben uitgebracht. De raden onderzoeken welke duurzame oplossingen kunnen bijdragen aan een aantal knelpunten op de arbeidsmarkt in de sector. Désirée Majoor, topteam Creatieve Industrie / Vicevoorzitter HKU leverde een inhoudelijke bijdrage aan de consultatie:

Een voorbeeld
Bart Witte is vandaag mijn rolmodel. Op Linked in beschrijft hij zichzelf als: Active as a freelancer and within Expodium collective Bart is a dedicated, pro-active, innovative and ambitious creative professional with a proven track record in concept development and production of artistic programs. Ability to combine strong knowledge of industry, with a sharp eye for social construct, the urban realm and changing society. Enjoys collaborating in exploring new possibilities to establish successful innovations.

Bart Witte presenteert zich als Bart Witte Advies, houdt zich bezig met grootstedelijke ontwikkeling en stadsplanning, maakt deel uit van het collectief Expodium, werkt momenteel aan het herhuisvesten van BAK in Utrecht wordt ingehuurd door de gemeente om Culturele Zondagen te organiseren, en geeft les bij een masteropleiding. Bart Witte heeft Beeldende Kunst gestudeerd aan de HKU. Hij vertelt me ongevraagd dat hij nog steeds zoveel aan zijn opleiding heeft.

Hybride beroepspraktijk
Ik spreek vanuit de positie: de arbeidsmarkt voor afgestudeerden uit het kunstonderwijs en creatieve opleidingen. Hoe ziet die arbeidsmarkt er in de praktijk uit? Ik zie dan de hybride beroepspraktijk voor me die de realiteit is voor de meeste van onze afgestudeerden: een mix van activiteiten in de culturele sector en de creatieve industrie, veelal als ZZP-er of kleine ondernemer, in combinatie met kortlopende contracten in een dienstverband. Veel projectmatig werk, een combinatie van werk in opdracht en zelf geïnitieerde projecten bv met een eigen collectief of netwerk. Onze afgestudeerden onderzoeken en ontdekken nieuwe vormen van organiseren en ondernemen. Het woord ‘subsidie’ hoor ik zelden meer. Ik zie zelfbewuste creatieve professionals die prima in staat zijn hun eigen brood te verdienen.

Hoe kunnen we deze creatieve professionals waarderen?
- door positieve (realistische) beeldvorming over de beroepspraktijk van de creatieve professional
- door het verkleinen van het verschil tussen de positie van de ZZP-er en degene in loondienst met name op het gebied van sociale zekerheid en ontwikkelings- en opleidingsmogelijkheden
- door het creëren van ruimte voor experimenten met nieuwe organisatievormen en business modellen

Wat Bart zich realiseert is dat hij gedurende zijn loopbaan nog vaak zal switchen: van rol, van specialisatie, van toepassingsgebied, van opdrachtgever. Hij investeert daarom in zichzelf en in zijn eigen employability. Hij verdiept en verbreedt. Hij is bovenal flexibel en adaptief..Nieuwe arbeidsmarktverhoudingen die dit ondersteunen en mogelijkheden om zijn potentieel te blijven ontwikkelen doen hem recht

Sectorale arbeidsmarkt
De arbeidsmarkt voor mijn afgestudeerden wordt gevormd door wat door de Europese Commissie omschreven wordt als ‘the cultural and creative industries’: ‘cultural and creative industries are those industries that are based on cultural values, cultural diversity, individual and/or collective creativity, skills and talent with the potential to generate innovation, wealth and jobs through the creation of social and economic value, in particular from intellectual property; they include the following sectors relying on cultural and creative inputs: architecture, archives and libraries, artistic crafts, audiovisual (including film, television, software and video games, and multimedia and recorded music), cultural heritage, design, creativity-driven high-end industries and fashion, festivals, live music, performing arts, books and publishing (newspapers and magazines), radio and visual arts, and advertising’ (uit: EU rapport On a coherent EU policy for cultural and creative industries, 30/11/2016)

STOP HET SILO-DENKEN
En dan hebben we het nog niet eens gehad over de cross over en spill over effecten naar andere sectoren, waar regelmatig op gewezen wordt. Ergo, uiteindelijk gaat het ook over de waardering van de (toegevoegde) waarde van de creatieve professional niet alleen binnen maar ook buiten de culturele en creatieve sector. De culturele sector, de creatieve industrie en alle andere economische sectoren, de publieke en de private sector, zij vormen voor de creatieve professional één arbeidsmarkt waarin hij zich flexibel wil kunnen bewegen. Arbeidsverhoudingen en wet- en regelgeving zouden dit realistisch gezien moeten kunnen ondersteunen.

Opdrachtgeverschap, synergie en impact
Syb Groeneveld, directeur van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie schreef in het kader van de SER-consultatie een column over het belang van goed opdrachtgeverschap, synergie tussen ontwerpers en marktpartijen en onderzoek naar de impact van de creatieve industrie voor andere sectoren.

Architecten verbeelden de snelweg van de toekomst

Creative Embassy MUC-AMS een feit

Martijn Paulen, Dutch Design Week: ‘Nederland is een vat vol kansen’

Hoe kijken politieke partijen naar de creatieve industrie?

Van ‘creatieve industrie’ naar ‘creatieve economie’

Prijsvraag Who Cares voor ontwerpen aan zorg

‘Betrek het creatieve MKB beter bij overheidsopdrachten’

Design Challenge: Empowered by Robots

Gezocht
Nieuwe banen voor mensen en robots! Ben jij de ontwerper, techneut, student, start-up, futurist of robotica-fan die ons gaat helpen met innovatieve, en haalbare ideeën voor een toekomst met mensen en robots? Doe mee aan de design challenge en bedenk hoe opkomende technologieën (zoals robots, drones of artificial intelligence) nieuwe arbeidsperspectieven kunnen creëren.

Wat kun je winnen?
. De 10 beste ideeën krijgen €2.500,- en professionele coaching om het idee tot een prototype te ontwikkelen. |
· Jouw idee staat 10 dagen lang op een tentoonstelling, gecureerd door Koert van Mensvoort (Next Nature Network) op de Dutch Design Week 2017.
· De winnaar krijgt €10.000,- om het prototype door te ontwikkelen naar een proof of concept.

Wat moet je doen?
Ga snel naar http://www.empoweredbyrobots.com/ voor de ontwerpbriefing, het reglement en aanmelding. Je kunt je aanmelden tot 1 februari 2017. Na aanmelding heb je tot uiterlijk 15 mei 2017 om je idee aan te leveren (schets/ontwerp/visualisatie). Eind juni 2017 hoor je of jouw idee is uitgekozen. De winnaar wordt tijdens de Dutch Design Week­ bekend gemaakt.

Samenwerken aan ontwerpkracht

Nederlandse deelname SXSW 2017 wordt groots

Blijf jezelf updaten als creatieve industrie

Steun voor creatieve centers of expertise HBO

Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) heeft woensdag 16 november 2016 bekendgemaakt dat het Amsterdam Creative Industries Network (ACIN) en het Utrechts Centre of Expertise Creative Industrie (U Create), ook in 2017 financiering ontvangen. De centers focussen zich op het aanpakken van maatschappelijke problemen op het snijvlak van creatieve industrie met digitale technologie en zorg, ‘Creative Labs’ spelen een belangrijke rol in het operationaliseren hiervan.

Solide basis
De centers brengen professionals uit de creatieve industrie en andere sectoren bij elkaar. Ze hebben een ‘solide basis’ die ‘voldoende vertrouwen biedt voor een duurzame financiële en inhoudelijk zelfstandige publiek-private samenwerking in 2016 en verder’, meldt de Reviewcommissie Hoger Onderwijs en Onderzoek in een advies. Er wordt sector overstijgend samengewerkt aan tal van creatieve projecten met een maatschappelijke grondslag. Verder is de cofinanciering uit het werkveld substantieel met een goed perspectief voor de komende jaren, schrijft de commissie.

Bedrijven en publieke instellingen
De centers of expertise verbinden het onderzoek en onderwijs van hogescholen met bedrijven en publieke instellingen in hun regio. De centra maakten deel uit van de prestatieafspraken die het kabinet eerder met de hogescholen maakte. Het kabinet wil dat de praktische kennis van hogescholen een positieve impact heeft op de samenleving.

Impact op de regio
Een speciale reviewcommissie oordeelde dat twaalf centra flink aan de weg timmeren, terwijl er vier centra wat vertraging opliepen. Toch kregen alle zestien centra een positief oordeel. Ze hebben een ‘duurzame impact op de regio’ en dragen eraan bij dat bedrijven en regionale overheden in het HBO willen investeren. Om die reden zouden de centra ook de komende jaren steun moeten krijgen, vindt de commissie. Het kabinet moet dan wel meer differentiëren. Centra die goed op stoom komen kunnen misschien meer steun ontvangen dan andere. Het volgende kabinet moet besluiten of de centra ook na 2017 nog geld krijgen en zo ja, hoe het geld dan wordt verdeeld.

Meer informatie over het Amsterdam Creative Industries Network (ACIN) en het Utrechts Centre of Expertise Creative Industrie (U Create):

http://www.amsterdamcreativeindustries.com en http://ucreate-weconnect.nl

Nieuw: service design vouchers

Brussel flirt met creatieve industrie

Toenemend vertrouwen bij creatieve industrie

‘Vooruitgang door vernieuwing’

“Als er één sector is die profijt heeft gehad van het Topsectorenbeleid, dan is het wel de creatieve industrie. De samenwerking die we de afgelopen jaren binnen en buiten de creatieve industrie hebben gerealiseerd heeft niet alleen de creatieve industrie op een hoger plan getild, maar ook de innovatiekracht van Nederland versterkt.” Jeroen van Erp, founding partner ontwerpbureau Fabrique, voorzitter Dutch Creative Council, professor of concept design Technische Universiteit Delft.Het Kabinet heeft vandaag in de Kamerbrief ‘Vooruitgang door vernieuwing’ na vijf jaar de balans opgemaakt van haar bedrijfslevenbeleid. Voor de creatieve industrie heeft dit ‘topsectorenbeleid’ als volgt uitgepakt.

Hoogtepunten afgelopen jaar

  • De TKI CLICKNL heeft gezorgd voor een aanzienlijke toename van de private betrokkenheid bij onderzoek en innovatie in de creatieve industrie. Circa 400 private partners waren in 2015 betrokken bij onderzoeks- en innovatieprojecten in de creatieve industrie.Daarbij is door consortia gebruik gemaakt van onder meer de NWO-regelingen, TNO onderzoeksprojecten, SIA Raak, Europese projecten en de MIT-regeling.
  • De start van een toekomstbestendig business model voor TKI CLICKNL en opzet van twee grote publiek-private onderzoeksprogramma’s door de sector met steun van de ministeries van EZ en OCW. In deze programma’s voor fundamenteel onderzoek werken onderzoekers, hbo-lectoren, TO2-partners, opdrachtgevers en het creatieve bedrijfsleven samen aan het vergroten van de kennisbasis van de creatieve sector om de innovatiekracht van de sector te versterken. De focus van de Human Capital Agenda richt zich op het stimuleren van ondernemerschap en het verbeteren van de overstap van opleiding naar bedrijfsleven. Verder wordt aandacht besteed aan het blijven ontwikkelen van de creatieve professional door middel van het programma ‘een leven lang leren’. Onder andere met hulp van het hbo-platform creatieve industrie is in werkgroepen kennis en ervaring uitgewisseld over deze thema’s. Tevens zijn publicaties uitgebracht over creatieve broedplaatsen en ondernemerschap in de creatieve opleidingen.
  • De creatieve industrie focust zich, door middel van het vorig jaar gelanceerde Duitslandprogramma, op onze oosterburen. Het Duitslandprogramma verbindt alle initiatieven vanuit de creatieve industrie in Duitsland (zoals op beurzen en tijdens handelsmissies) en helpt zo met een boodschap de Duitse markt te veroveren. Voorbeelden in 2016 zijn: Nederland was partnerland bij de Munich Creative Businessweek, het Reeperbahn Festival (popmuziek) en de Buchmesse.
  • Aanvullend op het Duitslandprogramma wordt gezocht naar kansen voor de Nederlandse creatieve industrie in andere (verre) markten (met name China).
  • De topsector Creatieve Industrie werkt bij uitstek sector-overstijgend. Met andere topsectoren wordt veel gezamenlijk opgetrokken. Daarnaast geeft de topsector invulling aan de EU Grand Societal Challenges en meerdere NWA-routes: Veerkrachtige samenlevingen, Big data, Smart Industry, Smart liveable cities, Circulaire economie en Kunst en innovatie.

Kansen voor de toekomst

De komende jaren wordt voorgebouwd op wat de afgelopen jaren in gang is gezet op de thema’s kennis & innovatie, internationalisering en human capital. De creatieve industrie positioneert zich als kwartiermaker van vernieuwing. Hiervoor is een gedegen organisatie van de sector onontbeerlijk. Uitdagingen voor de komende jaren zijn de toename van de private R&D in de sector, het versterken van de samenwerking/crossovers met andere sectoren en de verdere internationalisering. Daarnaast zorgen nieuwe (online) diensten en technologieën voor structurele veranderingen en nieuwe kansen voor de creatieve industrie. Vanuit de topsector wordt hierop aangesloten door te participeren in programma’s gericht op big data, virtual reality, blockchains en 3D-printing.

Naar de rapportage ‘vooruitgang door vernieuwing’(creatieve industrie vanaf pagina 41)